Het koepeltje in de sneeuw... 
 
Op 30 december 1976 namen Arie en Dineke 's-morgens de trein van Waddinxveen naar Driebergen-Zeist. Opa en oma van der Kaaden woonden daar en wij gingen voor een speciale reden op bezoek. Nu reisden we wel vaker langs Driebergen en vanuit de trein was ons het leuke koepeltje in het naastgelegen park al eens opgevallen. Het park met dit tempeltje vormde een uitgelezen decor voor een belangrijke symbolische stap: onze verloving. Zonder getuigen of pottekijkers hebben wij in dit tempeltje onze liefde aan de ander bevestigd. Daarmee werd het koepeltje een symbolische plaats voor ons leven. Als verloofd stelletje konden we ons aan opa en oma voorstellen. Dat werd een heel leuk bezoek. Hoewel we nooit meer ín het koepeltje terug zijn geweest, bleef het wel een beetje 'ons' koepeltje.  
 
 
Koepel in de sneeuw op 30 december 1976 
 
Feye en Irene hebben het koepeltje nu gekozen voor hun trouwfoto's. Terecht, want het koepeltje is charmant, heeft geschiedenis, is een architectonisch juweeltje en is eigenlijk een temple de l'amour. Ik vond het tijd om eens te achterhalen wat dat koepeltje eigenlijk is en waarom het daar staat, in een stukje park.  
 
 
 
Het tempeltje staat er sinds 1889. Het grondplan is ontleend aan de Temple de l'amour door Richard Mique in 1778 gerealiseerd in de tuin van het paleis Trianon in Versailles. Klik hier voor een panoramic view. Het idee is een cirkelvormige sokkel met treden, 12 corinthische zuilen en een koepelvormig dak. In de temple de l'amour staat een kopie van een beeld van Edme Bouchardon. De reputabele architect Posthumus Meyjes ontwierp via dit basisplan de koepel in de Willinkshof te Driebergen. Oude ansichtkaarten laten idyllische, bijna onnederlandse impressies zien van het tempeltje in de parkomgeving. 
 
 
 
 
 
 
 
En nu was het het tempeltje van Feye en Irene.  
 
 
 
 
Maar waarom staat dit monumentje hier? Ik citeer de website Heuvelrugnieuws (klik hier): 
Het landschappelijk aangelegde park Beerschoten-Willinkshof gelegen tussen de Hoofdstraat en de Arnhemsebovenweg hoorde oorspronkelijk bij het buitenhuis Beerschoten dat in 1850 voor assuradeur A.C. Bouman is gebouwd.' De omringende tuin en parkbos waren een ontwerp van J.D. Zocher jr. De buitenplaats kwam na verloop van tijd in handen van J.A. Willink, een Amsterdamse bankier. Na het overlijden van Willink in 1887 kreeg de gemeente Driebergen het buiten als legaat, echter onder voorwaarde dat het huis werd afgebroken en de tuin, het park en de hertenkamp aan de overzijde van de Hoofdstraat altijd tot openbare wandelplaats zouden dienen. De Willinks hadden hun enig kind verloren en wilden blijkbaar dat met het uitsterven van deze tak van de familie Willink ook de woonstede van de familie ophield te bestaan. Na het overlijden van mevrouw Willink, kort na de dood van haar man, werd het huis afgebroken door aannemer Meerdink uit Zeist, die het voor de sloop had gekocht. Tot zijn grote verrassing bleek onder de rieten kap een compleet koperen dak te zitten. Met het geld dat hij onder meer hiermee verdiende, liet hij verderop in de richting van Zeist een kapitaal herenhuis bouwen dat hij de naam Nieuw Beerschoten gaf. Op de plaats van het oude huis Beerschoten verrees op verzoek van de familie Willink in samenwerking met de gemeente Driebergen in 1889 een tuintempeltje. Het is een ontwerp van de Amsterdamse architect C.B. Posthumus Meyjes en vertoont enige gelijkenis met de Temple de l'Amour uit 1777 van de Franse architect Richard Mique (1728-1794) bij het 'paleisje' Trianon van Marie Antoinette te Versailles.